Op 13 januari 2026 bracht de regeringscommissaris transitie pensioenen haar vierde voortgangsrapportage uit. De conclusie is scherper dan voorheen: de transitie bij verzekerde regelingen begeeft zich richting het kritieke pad. De uiterste transitiedatum van 1 januari 2028 blijft staan — maar voor werkgevers met een pensioenregeling bij een verzekeraar of premiepensioeninstelling (PPI) is uitstel geen optie meer.
Het omzettingstempo bij verzekerde regelingen blijft zorgwekkend laag. Voornaamste oorzaken zijn onwetendheid bij (met name kleine) werkgevers over de omvang van het omzettingsproces, het ontbreken van een pensioenadviseur, en contracten zonder een natuurlijk eindmoment. Cruciaal gegeven: een omzetting duurt gemiddeld twee tot zes kwartalen, waardoor de facto uiterste datum voor het tekenen van offertes veelal 1 oktober 2027 is. Wie te laat is, riskeert per 2028 geen geldige pensioenregeling te hebben — met forse fiscale gevolgen. Bovendien geldt ook voor werkgevers die kiezen voor eerbiedigende werking dat zij nog afspraken moeten maken over het nabestaandenpensioen. Er is dus altijd actie vereist.
De minister van SZW heeft een gecoördineerde aanpak ingezet met VNO-NCW, MKB-Nederland, FNV, het Verbond van Verzekeraars en Adfiz. De regeringscommissaris is helder: het jaar 2026 is cruciaal en deze aanpak moet binnen afzienbare termijn tot merkbare resultaten leiden. Verzekeraars en PPI’s hebben hun producten klaar; adviseurs hebben het proces al meermalen succesvol doorlopen. Werkgevers hebben geen enkele reden meer om het gesprek over de nieuwe pensioenregeling uit te stellen.
Voor de daadwerkelijke omzetting van de pensioenregeling heeft u een pensioenadviseur nodig. Maar het omzettingstraject kent ook een arbeidsrechtelijke kant: ook wanneer de aanleiding een wetswijziging is, blijft het gaan om een wijziging van een arbeidsvoorwaarde. Daarbij horen het informeren en raadplegen van de ondernemingsraad en de begeleiding van het instemmingstraject. Daar helpen wij u graag bij.